Kerkdienst 21 juni Kerkdienst 21 juni

We zijn al even op reis met Jona. Jona heeft van alles geprobeerd om God van zich af te schudden. Maar wat blijkt? God laat niet los en blijft hem nabij. Als Jona tijdens de storm overboord gegooid wordt en kopje onder gaat, zet God een grote vis in om hem op te slokken. Drie dagen en drie nachten zit Jona in de buik van de vis. Daar bidt Jona tot God.

Na drie dagen wordt Jona uitgespuugd op het strand. Hij is eigenlijk terug bij af. Voor God weggevlucht, maar God laat hem niet los. Het lijkt alsof de geschiedenis zich herhaalt. Jona 3 begint net als Jona 1 met een opdracht van God. ‘Maak je gereed en ga naar Nineve, die grote stad, om haar aan te klagen met de woorden die ik je zeg.’ Alsof er niets gebeurd is. Ondanks zijn tegenstribbelen en zijn vluchten, krijgt Jona een genadige herkansing.

Door alles heen heeft Jona God leren kennen en je zou verwachten dat hij nu zijn lesje wel geleerd heeft. Dat hij nu helemaal gaat voor de opdracht die God hem geeft. En het lijkt er inderdaad even op dat Jona zijn leven gebeterd heeft. Jona maakt zich namelijk gereed en gaat naar Nineve, zoals de Heer hem opgedragen heeft. Maar het gaat niet van harte.

Jona begrijpt inmiddels dat hij niet ontkomt aan zijn opdracht om de inwoners van Nineve te waarschuwen dat hun goddeloze gedrag hun ondergang zal worden. Maar hij zal het niet overdrijven. De stad Nineve is met recht een grote stad te noemen, want er staat dat deze stad 3 dagreizen groot is. Een behoorlijke klus om al haar bewoners te bereiken, maar verder dan één dagreis komt Jona niet. Hij blijft als het ware steken in de buitenwijken. Profeet tegen wil en dank.

En als Jona dan nog tenminste vol passie zijn boodschap zou brengen... Maar Jona doet niet eens zijn best. ‘Nog veertig dagen, dan wordt Nineve weggevaagd!’ Dat is de hele preek. Het enige dat Jona zegt, is dat er een straf komt. Waaróm die straf komt, daarover zegt Jona niets. Of die straf nog af te wenden is, en hoe dan, daarover zwijgt Jona. En misschien nog wel het meest waardeloze van deze preek: geen woord over God.

Jona’s minimale inzet lijkt mij een prima manier om de boodschap die hij moet brengen vakkundig om zeep te helpen. En misschien is dat ook wel de bedoeling, want het kan Jona eigenlijk helemaal niet schelen of de bewoners van Nineve wel naar hem luisteren. Maar wonder boven wonder: deze waardeloze preek van Jona heeft een enorm resultaat. Tegen elke verwachting in is Jona de succesvolste profeet ooit!

Jona’s woorden gaan namelijk als een lopend vuurtje door de stad. Jona is weliswaar niet verder gekomen dan de buitenwijken, maar in een mum van tijd is zijn boodschap overal bekend. Zijn woorden zijn zelfs doorgedrongen tot het koninklijk paleis. Jona gaat ‘viral’, zouden we nu zeggen. En alle inwoners van de stad beseffen dat deze vreemdeling gelijk heeft. Ze grijpen meteen hun kans en diezelfde dag nog begint de broodnodige omkering van Nineve.

Het is een bekering volgens het boekje. Allereerst gelóven de inwoners van Nineve God; ook nu Jona met geen woord over Hem gerept heeft. Stap 2 is berouw. Er wordt zelfs nationale rouw afgekondigd om te laten zien dat Nineve spijt heeft van wat ze gedaan heeft. Mensen en dieren moeten allemaal meedoen, zo ernstig is de situatie.

Hoe echt die spijt is, blijkt bij stap drie: verandering. Want de inwoners van Nineve gaan daadwerkelijk anders leven en ze breken met het onrecht dat ze deden. Ten slotte hopen ze op genade. ‘Misschien dat God van gedachten verandert en op zijn besluit terugkomt.’ De inwoners van Nineve weten heel goed dat ze daar geen recht op hebben, maar wie weet...

En met resultaat! God ziet af van zijn plan. Het is niet aan Jona’s geweldige overtuigingskracht te danken dat Nineve zich bekeert en wordt gered. In dit hoofdstuk uit het leven van Jona wordt vooral duidelijk dat God zelf aan het werk is in Nineve. God is groter dan het gestuntel van zijn profeet. Hij geeft zijn mensen steeds weer een kans om opnieuw te beginnen, met Hem en met elkaar. Het is nooit te laat om tot inkeer te komen.

Om ons heen klinken ook nu oproepen tot bezinning en bekering. Nu deze tijd van thuiswerken en het vliegtuig laten staan zo goed blijkt te zijn voor het milieu, zouden we onze vervuilende vervoersmiddelen dan na deze crisis ook ánders kunnen gaan gebruiken? Nu de crisis ons leert dat we op elkaar zijn aangewezen, kunnen we dan de solidariteit die we nu voelen ook vasthouden als alles weer ‘normaler’ wordt?

Ik voel me persoonlijk deze weken ook geraakt door de demonstraties van #BlackLivesMatter. In mijn veilige bubbel had ik tot voor kort eigenlijk geen idee dat racisme – ook in Nederland – zo’n groot probleem is. Ik schaam me er voor dat ik zo lang onwetend was en me zo weinig heb verdiept in racisme. Gedacht heb dat het hier allemaal wel meevalt. Maar ik troost me tegelijkertijd ook met de gedachte dat de 40 dagen om tot bekering te komen hopelijk nog niet voorbij zijn.

We kunnen waarschijnlijk allemaal wel iets noemen dat we beter anders zouden kunnen doen in ons leven. We hebben allemaal onze vast patronen en blinde vlekken. Dat is niet erg, als we er ook maar voor open staan om ons tot inkeer te laten brengen. Kunnen inzien dat we fout zitten en zeggen: vanaf nu ga ik het proberen anders te doen.

Vorige week zong Stef Bos: ‘Het roer moet om’. Prachtig toepasselijk bij het verhaal van Jona, en ook bij ons verhaal. ‘Het roer moet om. (...) En altijd blijven zoeken, voorbij de grens. Van wat wij denken. Voorbij de grens. Van wie wij zijn. Voorbij onszelf. En wat we kennen. Een and’re wereld. Een nieuwe tijd.’

Dus licht het anker. Gelukkig is er nog tijd! En altijd: genade.
Amen.

terug